Een dode bodem ligt aan de oorzaak van de meeste civilisaties die ooit ten onder zijn gegaan. Onze bodem is dood, binnenkort wij ook? In de lagere scholen leert men ons over het belang van een vruchtbare bodem en hoe er hongersnoden zijn ontstaan door slecht landmanagement. We lachen kinderen recht in hun gezicht uit als we hen zeggen: ‘geschiedenis moet je leren zodat we kunnen leren uit onze fouten’, want dit doen we zelf allesbehalve.

We leven in een samenleving die streeft naar een nog intensievere landbouw. Hoe meer voedsel men kan produceren op een kleiner stuk grond, hoe meer natuur men kan vrijwaren, klinkt het goed bedoeld. We mogen trots zijn dat we meer ton voedsel per hectare hebben dan vroeger, maar dit heeft meer met zaadveredeling te maken dan met technologie. Intensieve landbouw is enkel duurzamer als de output hoger is dan de input, de landbouwactiviteit een positieve impact heeft op het milieu, de bodem veerkrachtig en de boer gelukkig is. De intensivering is een goede zaak, zolang er aan bovenstaande voorwaarden wordt voldaan.

Het landbouwbeleid wordt geschreven door bureaucraten en lobbyisten die naast hun espressomachine door hun venster kijken naar een stad vol smog. Toen ik bij -2°C prei hielp oogsten en wassen bij een kleinschalige landbouwer, droomde ik ook van een warm bureautje en oogstrobots. Maar die droom ontsprong uit een intellectuele rationele geest die zich totaal niet bewust was van het feit dat sommige mensen snakken naar handarbeid. De ecomodernistische verlangens van sommigen die geen voeling hebben met de landbouw ontspringen uit een  paradigma waarin  de wereld herleidt wordt tot een gereduceerde voorstelling van de werkelijkheid. Sommigen denken nog steeds dat landbouw en natuur onverenigbaar zijn, terwijl het ene het andere kan versterken.

Landbouw is uniek omdat er ongelimiteerde productie mogelijk is, mits de juiste methodes. We zijn opgeleid in een denkkader van schaarste, waar je zogezegd evenveel in een veld moet steken als dat je eruit haalt. Dit is nonsense. De grootste technologische ontwikkelingen zitten niet in technologie maar in het maximaal inzetten van natuurlijke processen.

Er zijn talloze boerderijen waar er al decennia rijkelijk geoogst wordt en er geen gram meststof van buitenaf wordt geïmporteerd of waar niet bewaterd moet worden. Ook zijn er boerderijen waar meer dan 70 hectare wordt geteeld en er enkel ingezaaid en geoogst wordt, niets anders. Dit alles net door samen te werken met de natuur in plaats van er tegen te vechten en het fundament van onze landbouw te respecteren: de bodem.

Terwijl onze landbouw aan het uitsterven is en er een mogelijke hongersnood aankomt op lange termijn maken we ons druk over het gazon dat bruin wordt. Het enige wat we kunnen doen is ons eigen voedsel duurzaam produceren, duurzame boeren steunen of een protest organiseren dat zodanig luid klinkt dat er wel iets moét aan gedaan worden. Alles beter dan honger.

Louis De Jaeger is tuin- en landschapsarchitect, oprichter van het Food Forest Institute, trekker van Project Acorn en schrijft een boek over de toekomst van de landbouw.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here